woensdag 5 mei 2010

"Is voor de oorlog, hè mam?"

Hij zet het bord dat de veteranen hun plaats moet wijzen nog wat beter in zicht. “Zo, dat valt tenminste op!” De 83-jarige meneer de Bruin moet er zelf om lachen. “Ja, ik heb het overleefd en mijn humor heb ik ook nog”.

De Bruin is één van de veteranen die bij de Pieterskerk in Utrecht wachten tot de stille tocht, voorafgaand aan de dodenherdenking, begint. Samen met nabestaanden en andere geïnteresseerden zullen ze straks stilstaan bij de gebeurtenissen en slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog. Maar eerst is het tijd om oude bekenden te ontmoeten en bij te praten. Terwijl het op het verzamelpunt langzaam drukker wordt, kussen schuifelende veteranes elkaar voorzichtig op de wang en schudden vrolijke veteranen elkaar ter begroeting de hand. “Hee Jan, mooi pak heb je aan!” klinkt het, doelend op het uniform dat de aangesproken man draagt. Die grijnst. “Zoveel strepen heb jij niet hè?”

Tussen alle wachtenden doet de 4-jarige Pim een dansje om een pilaar. Hij klimt op een paaltje en lijkt in zijn kinderlijke onschuld geen idee te hebben waar hij voor komt. Maar schijn bedriegt. Als hij van zijn moeder een bloem krijgt, stopt hij zijn neus erin en merkt op: “hmm, ruikt lekker!”. Dan: “is voor de oorlog, hè mam?”. Omstanders lachen vertederd, totdat de klokken van de Pieterskerk beginnen te spelen. Het is het startsein van de stille tocht, die loopt vanaf de Pieterskerk tot aan de Dom.

De verzameling mensen die net nog lachend bij elkaar stond, vormt nu met serieuze gezichten een rij wandelaars die zich door de straten van Utrecht begeeft. Vier kerkklokken klinken van alle kanten, en op dat geluid na lijkt het voor een moment even echt stil in de Utrechtse binnenstad. Een voorbijkomende fietser die de tocht wil passeren, wordt door een agent met gebarentaal tot stoppen gemaand. Zo loopt men naar de Dom, waar het plein inmiddels volloopt.

Klokslag acht uur wordt bij het Vrijheidsbeeld de fakkel aangestoken, het symbool van leven. Trompetgeschal leidt de officiële twee minuten stilte in. Mensen staren voor zich uit, in gedachten verzonken. Wanneer het Wilhelmus een eind maakt aan de stilte, aarzelen sommigen even. Dan zingt het grootste deel van het publiek de twee coupletten van het volkslied mee. Mensen worden uitgenodigd voor het defilé en lopen met bloemen naar het monument.

Tussen de menigte loopt Pim, nu aan de hand van zijn moeder. Samen leggen ze zijn bloem neer bij het Vrijheidsbeeld. Om te herinneren: dat wat hij; noch zijn ouders hebben meegemaakt, maar wat wel zichtbaar indruk maakt.

2 opmerkingen:

Anoniem zei

je hebt hoe dan ook talent

WandaEtc... zei

Stilte van mijn kant.

Wat mooi ge/beschreven.