Internetbankieren van ING gaat via een heel handig systeem. Je logt in met je gebruikersnaam en wachtwoord, plaatst een bank opdracht en om die te bevestigen gebruik je een TAN-code. Deze bestaan uit zes cijfers van 0 tot en met 9. Logischerwijs zou je verwachten dat die cijfers zoveel mogelijk afgewisseld worden, maar dat is dus niet het geval. Mijn TAN-codes hebben altijd een herhaling. De laatste bijvoorbeeld: 497847. Of 638386. Het is nooit eens 031684, of 953271.
Toeval? Een extra beveiliging? Zijn er meer mensen die dit hebben? Waarom is dit zo?
Het houdt me bezig, op een luie zondagmiddag.
zondag 27 september 2009
vrijdag 25 september 2009
zaterdag 12 september 2009
Jildou is de vrouw
Erg geïnteresseerd in tijdschriften ben ik niet. En al was ik dat wel, dan zou ik het nog niet toegeven. Er is geen grotere belediging denkbaar dan te horen krijgen dat je "een beetje een Viva-meisje bent". Als ik zeg dat ik oorlogsverslaggever wil worden lacht men ook schaapachtig, maar toch net iets minder dan wanneer je toegeeft dat je ambities bij een vrouwenblad liggen. Viva, Esta, Flair: vergeet het maar. Dat is geen serieuze journalistiek.Tot afgelopen donderdag. Jildou van der Bijl kwam vertellen over haar werk als hoofdredactrice bij de Linda. Een beetje sceptisch vooraf waren mijn verwachtingen niet bijzonder hoog, maar Jildou heeft me overtuigd. Helemaal niet zo gek, die tijdschriften business met zijn combinatie tussen tekst en beeld, oppervlakkigheid en diepgang, interview en reportage. Niet dat ik nu ineens opzoek ga naar een baan bij Sanoma, maar als ik op het vliegtuig stap naar Afghanistan, dan toch zeker met een Linda in mijn tas.
zondag 6 september 2009
Daarom is geen reden
Een veelgestelde vraag afgelopen week aan ons als eerstejaars studenten was: “wie ben je en waarom wil je journalistiek gaan studeren?” Even zovaak gehoord antwoord: “ik ben Jantje en ik hou van schrijven en creativiteit, dat hoop ik hier kwijt te kunnen”.Eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat mijn antwoord niet veel anders was. Wat moet je ook, in een klas vol mensen waar je een minuut de tijd krijgt om je keuze toe te lichten en waar de vraag meer uit beleefdheid dan uit oprechte belangstelling gesteld lijkt te worden. Toch was het wel weer stof tot nadenken, waarom wil ik dit eigenlijk? Niet per se om het schrijven, dat inderdaad best leuk is maar voor mij geen hoger levensdoel. Voor creativiteit kun je ook op de kunstacademie terecht, de nieuwe Pauw en Witteman zijn we allemaal nog lang niet en Giel Beelen zit nog wel even verankerd bij 3FM. Mijn cynische antwoord op deze vraag zou waarschijnlijk alleen maar hoofdschudden opwekken: “omdat ik dusdanig overtuigd ben van mijn kijk op de wereld dat ik die met iedereen wil delen”. Klinkt toch net niet nederig genoeg voor iemand die alles nog moet leren.
Voor sommige mensen is de SvJ iets dat ze lijkt te overkomen. “Ja, ik wist het niet zo goed, ik heb een brede interesse en met journalistiek kan je alle kanten op”. Weinig overtuigend, maar het laat wel alle opties open. Van mensen die wel een heel duidelijk doel voor ogen hebben vraag ik me dan weer af of ze niet gaan struikelen over alles wat er verder verplicht bijkomt.
Mijn belangrijkste reden heeft eigenlijk weinig met journalistiek op zich te maken. Ik geloof in een maakbaar leven, waarin eigen verantwoording om je leven te leiden (of lijden) een grote rol speelt. Wees gerust, hier volgt geen propaganda voor the Secret, waarbij je alleen maar hoeft voor te stellen dat je in een Maserati Burberry uitvoering rijdt om ervoor te zorgen dat je ’s ochtends ineens de sleutels onder je kussen vindt. Wel ben ik ervan overtuigd dat het in eigen handen is waar je over pakweg een jaar of 60 bent geëindigd.
Zolang ik me kan herinneren huist er een bepaalde onrust in mijn hoofd, ben ik altijd opzoek naar meer, verder, anders, onderweg. Daarnaast is mijn cynische versie van het antwoord op de vraag “waarom?” in werkelijkheid weliswaar genuanceerder, maar schuilt er zeker een kern van (mijn) waarheid in. Het moest een uiting krijgen ooit, de onrust, de drang naar kennis en ervaringen en de angst om over 60 jaar nog steeds groots te dromen, maar klein geleefd te hebben.
De SvJ is het middel; de ervaring het doel. Ik maak mezelf journalist.
vrijdag 4 september 2009
De verzamelde werken
Ooit zou er een dichtbundel komen, of twee, en die zouden dan weer lang op de bestsellerslijst staan en ik er zou er beroemd mee worden binnen de scene, waarvan ik eigenlijk niet eens weet of er zoiets als een dichtersscene bestaat, maar dat maakt ook niet uit want het stokte bij deze ene poging. Oud en verjaard al haast, maar soms lees ik het nog eens en dan voelt het weer bijna als toen.
Dag.
Met mijn hoofd in de wolken en mijn voeten in het gras droomde ik van jou en mij en alles tussen zon en maan
alsof het nooit anders was en nooit meer anders zou bestaan.
Maar met mijn blik over je schouder staar ik naar wat gisteren bedacht en vandaag verleden is
maak ik nieuwe herinneringen, wil ik dansen springen zingen
fluisteren en schreeuwen wat jij toch nooit zal verstaan
omdat je eigenlijk nooit van mij (bij mij, met mij) was maar altijd net te ver bij me vandaan.
Houd ik je hand nog een keer vast en lach een laatste keer omdat
ik ook wel weet dat het niet werkt, geen jou en mij, geen wij
en draai ik me dan om, moet zeker weten dat ik niet vergis, haal mijn schouders op en ga
en vraag me af hoe het kan dat alles soms hetzelfde en toch zo veranderd is.
Dag.
Met mijn hoofd in de wolken en mijn voeten in het gras droomde ik van jou en mij en alles tussen zon en maan
alsof het nooit anders was en nooit meer anders zou bestaan.
Maar met mijn blik over je schouder staar ik naar wat gisteren bedacht en vandaag verleden is
maak ik nieuwe herinneringen, wil ik dansen springen zingen
fluisteren en schreeuwen wat jij toch nooit zal verstaan
omdat je eigenlijk nooit van mij (bij mij, met mij) was maar altijd net te ver bij me vandaan.
Houd ik je hand nog een keer vast en lach een laatste keer omdat
ik ook wel weet dat het niet werkt, geen jou en mij, geen wij
en draai ik me dan om, moet zeker weten dat ik niet vergis, haal mijn schouders op en ga
en vraag me af hoe het kan dat alles soms hetzelfde en toch zo veranderd is.
Raar
Na een lange dag vol zon en veel te lekker teveel eten is terug naar huis reizen een soort anticlimax. Late avondtreinen zijn vaak een broedplaats voor dronken studenten, herrieschoppende veertigers die ook weer eens op stap zijn geweest en voor verdwaalde reizigers, niet op het spoor maar in hun leven. Maar dit keer heb ik het geluk aan mijn zijde, de stiltecoupé is daadwerkelijk een oase van rust en op een wiegelied van ruisend donker sukkel ik langzaam in slaap. Voor even.
“Milan zzzeg ik je! Milan! AC Milan zzzeg ik!” en terwijl ik me ruw gestoord voel stapt een jongen de trein in. Je hoeft geen ervaren antropoloog te zijn om bij zijn Antilliaanse tongval een voorstelling van zijn uiterlijk te maken. Van onder naar boven scan ik hem. Gympen van een merk dat ik niet ken, maar waarvan ik aanneem dat ze ‘dope’ zijn. Wijde spijkerbroek, nog wijder T-shirt, petje van een ander onbekend maar ongetwijfeld precies goed merk. Mijn inschatting is klaar, tot ik een glimp van zijn gezicht opvang. Uit de klei getrokkener Hollands had hij niet kunnen zijn. Zijn haar is kort en blond, sproeten markeren zijn bleke gezicht. Twijfel bij mij.
Terwijl ik een poging doe om verder te slapen bedenk ik dat het toch maar raar is, die taalontwikkeling onder jongeren. Oer-Hollandse jongens en meisjes spreken alsof ze hun leven lang in de sloppen van de Antillen hebben doorgebracht en toevallig in Nederland gedropt zijn. Als fervent afluisteraar en gluurder moet die ontwikkeling nog even tot me doordringen. Het lijkt gewoon ook nogal vreemd, zo’n zzzz’ende kaaskop.
Even later schrik ik weer op. “Leverkussen, Leverkussen! Leverkussen!” Hij zegt het in een ritme dat nog het meest lijkt op Jochem Myjer’s “wakker worden, wakker worden!”. Geïrriteerd overweeg ik hem er vríendelijk op te wijzen dat dit een stíltecoupé is en dat hij zijn voetbaluitslagen maar ergens ánders de trein door moet schreeuwen. Met een ruk beweeg ik mijn hoofd omhoog, ogen op stand kalm doch ijzig, nog even een moed verzamelende blik naar buiten. Bordjes. Station Utrecht. Eindstation.
De jongen had gelijk, wakker worden, wakker worden moest ik. In het voorbijgaan grinnik ik hem bedankt en hij kijkt me aan alsof hij zeggen wil “wie is hier nou gek?”
“Milan zzzeg ik je! Milan! AC Milan zzzeg ik!” en terwijl ik me ruw gestoord voel stapt een jongen de trein in. Je hoeft geen ervaren antropoloog te zijn om bij zijn Antilliaanse tongval een voorstelling van zijn uiterlijk te maken. Van onder naar boven scan ik hem. Gympen van een merk dat ik niet ken, maar waarvan ik aanneem dat ze ‘dope’ zijn. Wijde spijkerbroek, nog wijder T-shirt, petje van een ander onbekend maar ongetwijfeld precies goed merk. Mijn inschatting is klaar, tot ik een glimp van zijn gezicht opvang. Uit de klei getrokkener Hollands had hij niet kunnen zijn. Zijn haar is kort en blond, sproeten markeren zijn bleke gezicht. Twijfel bij mij.
Terwijl ik een poging doe om verder te slapen bedenk ik dat het toch maar raar is, die taalontwikkeling onder jongeren. Oer-Hollandse jongens en meisjes spreken alsof ze hun leven lang in de sloppen van de Antillen hebben doorgebracht en toevallig in Nederland gedropt zijn. Als fervent afluisteraar en gluurder moet die ontwikkeling nog even tot me doordringen. Het lijkt gewoon ook nogal vreemd, zo’n zzzz’ende kaaskop.
Even later schrik ik weer op. “Leverkussen, Leverkussen! Leverkussen!” Hij zegt het in een ritme dat nog het meest lijkt op Jochem Myjer’s “wakker worden, wakker worden!”. Geïrriteerd overweeg ik hem er vríendelijk op te wijzen dat dit een stíltecoupé is en dat hij zijn voetbaluitslagen maar ergens ánders de trein door moet schreeuwen. Met een ruk beweeg ik mijn hoofd omhoog, ogen op stand kalm doch ijzig, nog even een moed verzamelende blik naar buiten. Bordjes. Station Utrecht. Eindstation.
De jongen had gelijk, wakker worden, wakker worden moest ik. In het voorbijgaan grinnik ik hem bedankt en hij kijkt me aan alsof hij zeggen wil “wie is hier nou gek?”
donderdag 3 september 2009
Tot leven gewekt.
Gehandicapte hbo-student heeft het zwaarder, meldt dit nieuwsbericht. "Gehandicapte hbo-studenten staken hun studie vaker dan andere hbo’ers." (...) "Onder eerstejaars heeft 16,5 procent op de een of andere manier een functiebeperking: dyslexie, een rolstoel, een angststoornis, chronische vermoeidheid enzovoorts. De helft van de gehandicapte studenten ondervindt daarvan daadwerkelijk hinder bij het studeren." (...) "Ook studenten met meer dan twee functiebeperkingen stoppen relatief vaak met hun opleiding."
Ineens behoor ik tot een nieuwe doelgroep, namelijk die van de gehandicapte HBO-studenten. Tot voor kort was mijn doelgroep die van de werkloze jonggehandicapten zonder arbeidsperspectief, dus ik neem aan dat dit wel een vooruitgang is. Wie er achter deze doelgroepen zit? Annemarie, 24 jaar oud en kersverse studente journalistiek. Vandaar de reanimatie van deze weblog, om te doen wat er van journalisten verwacht wordt. Om te schrijven.
Ineens behoor ik tot een nieuwe doelgroep, namelijk die van de gehandicapte HBO-studenten. Tot voor kort was mijn doelgroep die van de werkloze jonggehandicapten zonder arbeidsperspectief, dus ik neem aan dat dit wel een vooruitgang is. Wie er achter deze doelgroepen zit? Annemarie, 24 jaar oud en kersverse studente journalistiek. Vandaar de reanimatie van deze weblog, om te doen wat er van journalisten verwacht wordt. Om te schrijven.
Abonneren op:
Posts (Atom)
